De mythe van de competentie

Dit bericht verscheen eerder op de blog van Wendy Kroy.

Het opleggen van quota om meer vrouwen in ‘hogere’ functies aan het werk te krijgen is een slechte maatregel. Het is een beetje zoals democratie: ‘the worst form of government, except all those other forms that have been tried from time to time’.

Dus nee, quota zijn niet ideaal. Ze zijn wel noodzakelijk om meer vrouwen naar de top te helpen van de academische wereld, van het bedrijfsleven, de magistratuur, de ambtenarij en de non-profit sector. Enige uitzondering? De politiek scoort beter. De enige reden? De quota die jaren geleden al ingevoerd werden en meer en meer vruchten afwerpen. Quota zijn dus – net als democratie – het enige middel om het beoogde resultaat te bereiken. Wie een ander briljant idee heeft natuurlijk om de grote discrepantie tussen mannen en vrouwen in ‘topposities’ op te lossen, laat het los op de wereld! De cijfers zijn wat ze zijn, en laten zich samenvatten als: hoe hoger de functie, hoe groter de maatschappelijke impact van een functie, hoe meer macht er geconcentreerd zit, hoe kleiner de kans dat u op dat zitje een vrouw zult aantreffen.

Eén van de grootste mythes rond deze sobere vaststelling is dat die grove ondervertegenwoordiging van vrouwen zich ‘vanzelf’ zal oplossen. Uhu. Een beetje zoals de banken jarenlang de mantra van ‘zelfregulatie’ hebben gezongen, waarschijnlijk. Aanhangers van de vanzelf-theorie hebben trouwens deels gelijk: wie ongeveer 150 jaar geduld kan oefenen, zal het nog meemaken dat er in het bedrijfsleven een min of meer gelijke vertegenwoordiging is van mannen en vrouwen. De enige manier om deze evolutie te versnellen is het invoeren van quota. Maar goed, blijkbaar zijn nogal wat mensen tevreden met het idee dat pas hun achter-achter-achter-achter-achter-achter-achter-kleindochter dezelfde kansen geboden zal worden als hun man, hun zoon, hun partner of hun kleinzoon nu. Ik heb in elk geval dat geduld niet, en ik eis voor mijn dochter dezelfde rechten op als voor mijn zoon (die ik niet heb).

En wie echt denkt dat ‘vanzelf’ werkelijk het antwoord is, nodig ik uit eens te contempleren over het feit bijvoorbeeld dat de Leuvense Universiteit gesticht werd in 1425. De eerste vrouwelijke decaan werd benoemd in 2010, net geen 600 jaar na datum. In die 600 jaar hebben vrouwen altijd moeten strijden voor hun recht op gelijke behandeling, het is niet zo dat de universiteit zomaar de deuren heeft opengezet voor vrouwelijke studenten, professoren, decanen en rectoren. Ik haal nu dit voorbeeld aan, maar u kunt deze lakmoesproef gerust herhalen met het instituut van uw keuze. Iedere keer hebben vrouwen door middel van strijd en actie hun rechten moeten afdwingen. Wie denkt dat we nu in een soort luilekkerland leven waar vrouwen op een presenteerblaadje dezelfde kansen en mogelijkheden worden geboden als hun mannelijke collega’s die is ziende blind en hopeloos naïef.

De andere mythe die namelijk dit debat overheerst is deze die zegt dat er vandaag enkel geselecteerd wordt op competenties, vaardigheden en diploma en dat geslacht geen enkele rol in de selectie speelt. Volgens dit soort magische denken zijn we voor de eerste maal in de wereldgeschiedenis op het punt aangekomen waarop we wars van alle genderdenken de meest competente kandidaat uitkiezen. Zeg maar dag met het handje tegen alle diepgewortelde clichés over vrouwen en hun gebrek aan ambitie, hun emotionaliteit die hen belet rationele beslissingen te nemen, hun hormonen waardoor ze 20% van de tijd niet in staat zijn naar behoren te functioneren, hun onvermogen om te kaartlezen en hun natuurlijke of hun aangeboren desinteresse voor exacte wetenschappen. Op een moment dat ik eventjes niet oplette, zijn al deze vooroordelen sneller weggesmolten dan het poolijs en werd ik wakker in een wereld waar uw geslacht ineens van geen tel meer is bij het selecteren van kandidaten.

Met alle respect: maar dit is onzin. Dikke, vette, onzin. Als er nu enkel op competentie zou geselecteerd worden, dan wemelde het op dit moment aan de top van het bedrijfsleven, de magistratuur, de non-profit sector en onze universiteiten al van de vrouwen. Als er niet een onzichtbaar quotum voor mannen zou bestaan in dat soort functies, dan zouden we deze discussie niet keer op keer moeten voeren. Je hoort ook nooit het argument vallen dat dit soort quota die mannen openlijk en eeuwenlang voor zichzelf hebben ingesteld ‘betuttelend’ is. Dat soort ‘betutteling’ werkt blijkbaar enkel in de richting van vrouwen die eindelijk durven eisen dat er paal en perk wordt gesteld aan de macht van ‘old boys’ netwerken zoals de loges, de denktanks, serviceclubs en andere ontmoetingsplaatsen waar voornamelijk machtige mannen elkaar ontmoeten, kennis en ervaring uitwisselen en door middel van informele contacten geschikte kandidaten zoeken voor hoge functies. Competentie? Enkel competentie? Laat me toch niet lachen. Alsof de ons-kent-ons factor door de goede fee is weggetoverd.

De waarheid is dat vrouwen – tot op vandaag – los van hun competentie, op een bepaalde manier beoordeeld worden omdat ze toevallig een vrouw zijn. Vorige herfst werden de resultaten gepubliceerd van een dubbelblind studie. Daarin werd gevraagd aan academici om een CV te beoordelen. Welk startsalaris wilde men de kandidaat bieden, hoe groot was de bereidheid om de kandidaat aan te werven en te coachen? Het CV was identiek, het enige verschil was de naam bovenaan: John of Jennifer. En wat een verrassing zeg: Jennifer werd algemeen gezien minder bekwaam bevonden (zowel door mannen als door vrouwen!), er waren minder mensen bereid om Jennifer tijdens de start van haar carrière te coachen en het verschil in salaris dat geboden werd aan Jennifer was significant lager dan wat aan John werd geboden (+/- 5.000 € op jaarbasis).

Studie na studie toont aan dat vrouwen met gelijkwaardige competenties, vaardigheden en diploma’s als hun mannelijke collega’s systematisch als minder bekwaam worden ervaren. Laten we dus maar gauw stoppen met doen alsof mannen nu enkel op basis van objectief meetbare criteria worden aangeworven en dat quota een ongebreidelde instroom aan onbekwame vrouwen betekenen in het nadeel van uiterst competente mannen. Integendeel, een Zweedse studie komt tot de volgende conclusie: “For example, in the debate on gender quotas, it is often claimed that a supply constraint for women results in a quota replacing competent men by mediocre women. We have argued, to the contrary, that achieving gender parity through quotas can actually promote competence by reducing the number of mediocre men”. Lees het nog maar eens opnieuw, het staat er echt: quota voor vrouwen zorgen ervoor dat het aantal middelmatig presterende mannen gereduceerd wordt, ten voordele van het aantal competente vrouwen.

Quota installeren betekent niets meer of niets minder dan op zoek gaan naar de bekwaamste vrouw voor een bepaalde functie. Geloof het of niet: vrouwen kunnen nu eenmaal even slim, even gedreven en even competent zijn als de mannen die voor die job solliciteren. Het is gewoon hoog tijd dat ze de kans krijgen om dat te bewijzen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s